User Avatar
door Jort van der Heide

Je maakt één recept, maar toch voelt de ene versie frisser dan de andere. Dat ligt niet alleen aan het ijs of aan je gevoel. Ook het type glazen dat je pakt, kan jouw cocktail een andere indruk geven. Een drankje is namelijk meer dan vloeistof. Je ruikt, je ziet en je voelt. Al die […]

Je maakt één recept, maar toch voelt de ene versie frisser dan de andere. Dat ligt niet alleen aan het ijs of aan je gevoel. Ook het type glazen dat je pakt, kan jouw cocktail een andere indruk geven. Een drankje is namelijk meer dan vloeistof. Je ruikt, je ziet en je voelt. Al die signalen samen maken “smaak” in je hoofd.

Je neus proeft mee

Een groot deel van wat je proeft, komt via je neus. Bij een glas met een smallere opening blijven geuren langer bij elkaar. Daardoor ruik je meer bij elke slok. In een wijder glas waaieren aroma’s sneller uit. Dat kan prettig zijn bij een stevige cocktail, omdat het minder heftig binnenkomt. Denk aan een klassieke sour. In een coupe ruik je vaak meteen citrus en schuim. In een tumbler met brede opening kan dezelfde sour ronder lijken, terwijl er niets aan het recept is veranderd.

Temperatuur en tijd doen stiekem mee

Glasvorm heeft ook invloed op hoe snel je drankje opwarmt. Een glas met steel hou je vast aan de steel, waardoor je hand de kom minder verwarmt. Bij een laag glas pak je het drinkdeel sneller vast. Dat is gezellig, maar je cocktail wordt ook eerder minder koud. Ook de opening telt. Een brede opening laat meer lucht bij je drankje, waardoor het sneller “open” gaat ruiken. Soms is dat precies wat je wil. Soms wil je juist dat het koel en strak blijft.

De rand bepaalt je eerste slok

Let eens op de rand van het glas. Een dunne rand voelt vaak zachter aan je lippen en laat de drank vloeiender binnenkomen. Een dikkere rand maakt de slok wat “zwaarder”. Je drinkt automatisch anders, en dat verandert je beleving. Daarbij speelt de vorm mee. Uit een V-vormig cocktailglas neem je meestal kleinere slokjes. In een groter glas drink je sneller een royale slok. Dat kan zoetheid, zuur en alcohol anders laten overkomen.

Bubbels houden van de juiste vorm

Bij cocktails met prik is glaskeuze extra duidelijk. In een smal glas blijven bubbels langer hangen, omdat er minder oppervlak is waar koolzuur kan ontsnappen. In een brede coupe verlies je sneller prik, maar krijg je wel meer geur. Bij een spritz of een French 75 kan dat het verschil maken tussen “sprankelend” en “zacht”.

Proef het zelf, zonder gedoe

Maak één simpele cocktail en verdeel hem over twee of drie verschillende glazen die je al hebt. Ruik eerst, neem dan één kleine slok, en let op wat je als eerste opvalt: fris, zoet, scherp of juist rond. Doe hetzelfde nog een keer, maar dan met een ander glas. Het is verrassend hoe snel je voorkeur ontstaat, zelfs met exact dezelfde mix.

Cocktails maken is leuk, maar drink met mate